Uw nieuwe thuis via Senior Wooncomfort

___________________________

Woontip maand januari: Wat verandert er zoal in 2017?
Allereerst wil ik al mijn volgers en tip lezers een heel voorspoedig, maar bovenal gezond 2017 toewensen.
De tip van de maand januari gaat deze keer over de diverse wijzigingen die in 2017 plaatsvinden op het gebied van financiën.
De belangrijkste wijzigingen heb ik hier voor u op een rij gezet:
De kleinere spaarders worden ontzien
Over een groter gedeelte van het vermogen zal geen belasting meer worden geheven. € 25.000,= per persoon is onbelast. Fiscale partners mogen samen € 50.000,= onbelast hebben. Deze mogen zij in hun aangifte verdelen zoals zij dat zelf willen. Wie meer spaargeld heeft dan deze vrijstelling krijgt te maken met een heffing van 30%. Dit tarief is gelijk gebleven, maar het denkbeeldige rendement waarover het wordt berekend, gaat variëren met de hoeveelheid spaargeld. Hoe meer vermogen, des te hoger het fictieve rendement.
Vanaf 2017 gelden de volgende 3 schijven in box 3:
Schijf 1: tot € 75.000
Schijf 2: vanaf € 75.000 tot € 975.000
Schijf 3: vanaf € 975.000
Daarnaast zijn er 2 percentages waarmee wij uw voordeel berekenen: 1,63% en 5,39%. In de eerste 2 schijven wordt uw voordeel als volgt berekend:
Een deel van uw vermogen wordt belast met het percentage van 1,63% en een deel met het percentage van 5,39%. Hoe hoger uw vermogen hoe meer wordt belast met het percentage van 5,39%. Valt een deel van uw vermogen in de 3e schijf? Dan rekenen wij voor dat deel van uw vermogen met het percentage van 5,39%.
In de tabel hieronder ziet u hoe wij uw grondslag sparen en beleggen vanaf 2017 berekenen.
Tabel berekening voordeel uit vermogen vanaf 2017

Schijf grondslag sparen en beleggen Percentage 1,63% Percentage 5,39%
1 Tot € 75.000 67% 33%
2 Vanaf € 75.000 tot € 975.000 21% 79%
3 Vanaf € 975.000 0% 100%

Hebt u een fiscale partner? Dan mag u de gezamenlijke grondslag sparen en beleggen verdelen op de manier die voor u beiden het voordeligst is. U berekent ieder uw eigen voordeel en de belasting die over dat voordeel wordt betaald.
Hogere ouderenkorting
Ouderen met een verzamelinkomen tot € 36.057,= krijgen in 2017 een hogere ouderenkorting. Deze wordt nu € 1.292,=. Is het verzamelinkomen maar één euro hoger, dan valt de ouderenkorting in één klap terug tot slechts € 71,=. AOW-ontvangers die in 2016 nog net onder deze grens bleven, kunnen alleen al door de verhoging van de AOW boven de grens uitkomen en zo dus achteruitgaan in inkomen. Iedereen krijgt recht op een € 12,= hogere algemene heffingskorting; in 2017 wordt die € 2.254,=. Ook de arbeidskorting gaat omhoog met maximaal € 120,= naar maximaal € 3.223,=. De arbeidskorting is afhankelijk van het inkomen dat iemand verdient met werk. Bij werknemers houdt de werkgever hier al rekening mee bij inhouding van loonheffing.
Tot € 100.000,= belastingvrij schenken voor een huis
In 2017 is het weer toegestaan om eenmalig maximaal € 100.000,= belastingvrij te schenken aan iemand tussen de 18 en 40 jaar die het geld gebruikt voor aankoop, verbetering of onderhoud van de eigen woning. Andere doeleinden die voldoen aan de voorwaarden, zijn aflossing van de eigenwoningschuld of een restschuld van een verkochte eigen woning of afkoop van erfpacht. De ontvanger hoeft geen familie te zijn. De schenker mag de eenmalige hoge schenking spreiden over drie jaar, onder voorwaarde dat de ontvanger ook in het derde jaar nog jonger dan 40 is. Wie in 2015 of 2016 gebruik heeft gemaakt van de lagere vrijstelling en in 2017 alsnog de hogere vrijstelling wil benutten, mag de eerder gedane schenking aanvullen tot maximaal € 100.000,=.
Monumentenpand
Op de valreep zijn de plannen om de monumenten aftrek te laten verdwijnen, vervallen. De aftrek blijft dus ook in 2017 gehandhaafd.
Zorgverzekering
Het eigen risico in de zorg blijft gelijk aan die van 2016, te weten € 385,= per jaar. De premie voor de zorgverzekering is met gemiddeld € 10,= per jaar omhoog gegaan. Dit verschilt per zorgverzekeraar. De inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet gaat voor gepensioneerden omlaag van 5,5 procent naar 5,4 procent. Voor werkenden nemen werkgevers deze bijdrage voor hun rekening. De maximale zorgtoeslag gaat met € 2,= omhoog.
Basispakket
Erbij komen in het basispakket:
Fysiotherapie bij etalagebenen (maximaal 37 behandelingen).
Bepaalde plastisch chirurgische ingrepen, zoals een ooglidcorrectie bij slecht zicht.
Eerstelijns medisch noodzakelijk verblijf voor wie (tijdelijk) niet thuis kan wonen maar ook geen behandeling hoeft te ondergaan.
Klikgebit/implantaten: onder voorwaarden komt een klikgebit in aanmerking voor vergoeding; eigen bijdrage is 10 procent voor onder- en 8 procent voor bovenkaak.
WMO
De eigenbijdrage voor de WMO gaan omlaag.
Vooral Wmo-gebruikers met een partner die nog geen AOW ontvangt, zullen dat merken in hun portemonnee. Het voordeel kan voor hen zelfs oplopen tot boven de €100 per maand. Ook AOW-ontvangers gaan erop vooruit, maar bij hen beloopt het voordeel maximaal iets meer dan een tientje per maand.
Minder huurverhoging
AOW-ontvangers met sociale huurwoning hoeven vanaf juli geen extra hoge huur verhoging meer te betalen, ongeacht hun inkomen. Vanaf 2017 is er nog maar één inkomensgrens van ongeveer € 39.000,=. Onder deze grens geldt het inflatiecijfer als huurverhogingspercentage. Boven deze grens mag de ver huurder maximaal 2,5 procent extra vragen.
Huurtoeslag
De huurtoeslag stijgt voor vrijwel iedereen met €10,50 per maand door een verlaging van de basishuur: het deel dat huurders zelf minimaal moeten betalen.
Hypotheek
Voortaan mag u nog maar voor 101 procent van de waarde van de woning een hypotheek afsluiten (was 102 procent). Huiseigenaren met een belastbaar jaarinkomen boven de € 67.072,= kunnen hun hypotheekrente voortaan nog maar tegen maximaal 50 procent aftrekken (was 50,5) in plaats van tegen het voor hen geldende belastingtarief van 52 procent.
VVE moet reserveren
De Wet verbetering functioneren vereniging van eigenaars schrijft VvE’s vanaf 2017 voor hoeveel ze moeten reserveren voor onderhoud. Dit bedrag moet gebaseerd zijn op een actueel meerjarenplan of een half procent zijn van de herbouwwaarde van het gebouw.
AOW leeftijd gaat omhoog
De AOW-leeftijd wordt op 1 januari 2017 met 3 maanden verhoogd naar 65 jaar en 9 maanden. U betaalt 9 maanden langer AOW-premies en u ontvangt 9 maanden later uw 1e AOW-uitkering.
Natuurlijk zijn er nog meer wijzigingen in 2017, maar bovenstaand zijn de belangrijkste wijzigingen op het gebied van wonen en zorg voor 2017.

Bronnen: Plus Magazine, Belastingdienst

Auteur: Bianca Sabel

Spring naar toolbar